Cornelia is mantelzorger van haar man Cees

Ik wil gewoon samenzijn

Elke dag stapt Cornelia de Graauw (88) met een glimlach binnen bij de woongroep van Franciscushof in Etten-Leur. Daar woont haar man, Cees (89), al ruim een jaar. Ze is er niet alleen als bezoeker, maar als vaste waarde in zijn dag. “Ik sla geen dag over”, zegt ze. “Thuis heb ik geen rust als ik weet dat hij daar alleen zit. Ik wil gewoon samenzijn.”

Als Cornelia de kamer binnenkomt, is Cees soms nog aan het eten. “Dan help ik hem even of ik breng iets lekkers mee. Iets wat hij graag lust”, vertelt ze. “We lopen vaak een rondje door de tuin of gaan een koffietje drinken in het restaurant.” Als het regent, blijven ze op de kamer. Dan zitten ze rustig samen, gewoon dicht bij elkaar.

Die momenten lijken klein, maar ze betekenen veel. “Zolang ik het kan, doe ik alles voor hem”, zegt Cornelia. En dat is te merken: ze verzorgt zijn handen, knipt zijn nagels, scheert hem, poetst zijn tanden en neemt elke dag de was mee naar huis. Ook regelt ze ziekenhuisafspraken en gaat ze met hem mee in de deeltaxi. “Dat hoort er voor mij gewoon bij. Ik vind het belangrijk dat hij er verzorgd uitziet en dat hij weet dat ik er altijd ben.”

Samen zorgen met Avoord

Bij Avoord krijgt Cees de zorg die hij nodig heeft. Maar de liefdevolle aandacht van Cornelia blijft minstens zo belangrijk. “De zorg doet de medicatie, daar kom ik niet aan”, zegt ze. “Maar wat ik zelf kan doen, dat doe ik. Ze laten me daar vrij in. Dat vind ik fijn.”

De samenwerking met de medewerkers verloopt vanzelf. “Ze zijn allemaal lief en aardig”, glimlacht Cornelia. “Ze zorgen goed voor hem en dat geeft mij ook rust. Ze betrekken mij overal bij. Ik voel me echt opgenomen in het gezelschap en dat doet me goed.”

Samen plezier maken

Cornelia en Cees zijn vaste gezichten bij de activiteiten van Avoord. “Iedere donderdagmiddag is het bingo”, vertelt ze enthousiast. “En ’s morgens bloemschikken. Dat is zo gezellig! Een bakske koffie, een praatje met de anderen. Ik vind dat heerlijk. Als er iets te doen is, doen wij mee. Dat mag van mij iedere dag!”

Ook buiten Franciscushof ondernemen ze samen dingen. Soms gaan ze met de deeltaxi op bezoek bij familie. “Dat zijn waardevolle momenten”, zegt Cornelia. “Hij geniet daar zo van.”

Een warm thuis

Wat Cornelia vooral raakt, is de warmte binnen Franciscushof. “Het is hier stikgoed”, zegt ze op haar typische Brabantse toon. “Ze zijn zo goed voor de mensen en voor mij ook. Je merkt dat ze echt om de bewoners geven.”

Haar betrokkenheid is groot en ze voelt zich gesteund. Niet alsof ze de zorg alleen draagt, maar alsof ze samen één team vormt met de medewerkers van Avoord. “We doen het echt samen”, zegt ze. “Zij zorgen met hun kennis en ik met mijn liefde.”

Een boodschap aan andere mantelzorgers

Aan andere naasten wil Cornelia vooral één ding meegeven: “Blijf betrokken, zolang je het kunt. Het maakt voor de bewoner een wereld van verschil en voor jezelf ook. Je blijft verbonden.” Ze lacht. “Ik hou van m’n man, dus ik ga gewoon elke dag. Dat hoort bij ons leven. Zolang ik dat kan, blijf ik dat doen.”